Doorgaan naar hoofdcontent

Herhalingen

Afgelopen week, tijdens de repetitie met het orkest Brabant Sinfonia, stond symfonie 40 van W.A. Mozart op de lessenaar. We kwamen te spreken over de herhalingen die bij de delen genoteerd staan. Moeten die nu worden uitgevoerd of niet? Is de noodzaak om de herhalingen uit te voeren nog wel aanwezig? Was er sprake van een overbodig modeverschijnsel in die tijd? Of hebben de herhalingen wel degelijk een functie bij deze muziek? Vooral bij de herhaling van het Menuet was de vraag bij de orkestleden het meest actueel. Alvorens de vraag te beantwoorden, zouden we ons moeten realiseren wat de gangbare concertpraktijk in die dagen was en hoe het publiek naar de uitvoeringen van muziek luisterde.

Er zijn een paar in het oog springende verschillen met de uitvoeringspraktijk van tegenwoordig. Waar wij vooral muziek uit vervlogen tijden uitvoeren en beluisteren, was de gangbare praktijk ten tijde van Mozart dat hedendaagse, meestal nieuwe, muziek werd uitgevoerd; al dan niet in opdracht gecomponeerd. Nu wordt vooral muziek uitgevoerd die het publiek al kent van opnamen of eerdere uitvoeringen. Ten tweede was destijds de muziek na het concert niet meer te beluisteren. Van concertregistraties en moderne geluidsdragers was geen sprake. Men ging naar het concert, kende de muziek dus niet en wist ook dat het niet waarschijnlijk was dat je die muziek in de rest van je leven zou horen.

De herhalingen hadden dus een functie. De luisteraar kreeg een kans om de muziek een tweede keer te beluisteren tijdens het concert. Daardoor kon de oplettende en geïnteresseerde concertbezoeker de muziek beter doorgronden en memoriseren. Doordat muziek altijd 'live' uitgevoerd moest worden en er thuis geen muziek klonk uit de radio, tv of iPod, was de luisterhouding waarschijnlijk intenser dan tegenwoordig het geval is. (Zo denk ik overigens ook dat het klokkengelui - of het ontbreken daarvan in bepaalde delen van het kerkelijk jaar -  ook een grotere impact zal hebben gehad dan wij nu kunnen indenken) Er waren minder omgevingsgeluiden en muziek was een schaarser goed dan nu)

Met de komst van geluidsdragers werden de herhalingen steeds meer weggelaten. Er was simpelweg geen ruimte voor de herhalingen en bovendien kan de luisteraar de muziek in vertrouwde omgeving zo vaak afspelen als hij maar wil. Bijgevolg houden wij niet meer van herhalingen. We zijn gewend geraakt aan de  uitvoeringen zonder herhaling (in tegenstelling tot de eindeloze herhalingen op tv en in de beeldcultuur) en willen horen wat we kennen van opnamen door grote vertolkers. Die opnamen zijn de meetlat geworden waarlangs alle andere uitvoeringen worden beoordeeld.

Ik zou willen pleiten voor meer ruimte voor de muziek. Laat de vondsten van de componist nog maar eens voorbij komen. Niet omdat het goedkoper is (het motief bij tv-producenten) maar opdat wij dezelfde muziek nog eens in ons kunnen opnemen; muziek is meestal de moeite van wat extra aandacht waard. Als je naar onze uitvoeringen van de symfonieën van Mozart komt luisteren, krijg je de herhalingen van ons er voor hetzelfde geld bij.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

In memoriam Jan Jansen

Ik ontving eergisteren het bericht dat dirigent Jan Jansen afgelopen zaterdag 24 mei 2014 op 90-jarige leeftijd is overleden. Van Rose-Rie, zijn dochter die bij mij in het Zuid-Nederlands Kamerkoor zingt, had ik vorige week al gehoord dat het niet goed ging met hem. Toch kwam het bericht van het overlijden onverwacht voor me.

Jan Jansen was een begrip in Tilburg toen ik als 18-jarige jongeman aan het conservatorium kwam studeren. Mijn vrouw Kitty en haar moeder Trudy zongen bij Jan in zijn koren en hij was ook leraar aan het Paulus Lyceum waar Kitty van hem muziekles kreeg. Ik zou hem veel later opvolgen als muziekdocent aan die school. Jan was meer dirigent dan muziekdocent en hij werd geroemd om zijn initiatieven, zijn humor en vakmanschap. Ik keek op tegen Jan en ik heb destijds geen contact met hem (durven) zoeken ondanks het feit dat wij niet ver van elkaar woonden. Daar heb ik wel spijt van maar gedane zaken nemen geen keer. Vorig jaar heb ik hem opgezocht en we hadden een aller…

Ik had een droom (2)

Vannacht trof ik Dante op de stadsmuur van het Italiaanse plaatsje Lucca. Dante stelde me voor om samen het glas te heffen aan het pleintje waar het standbeeld van Puccini is geplaatst. Weldra zaten we in de stralende zon met een glas rode wijn in onze hand.

Dante:
Zullen we ons gesprek van gisteren voortzetten?

Ik:
Fijn, ik verheug me erop en ik ben zeer vereerd dat je na gisteren nog met me wilt praten.

Dante:
Natuurlijk! We hebben het gehad over het Heelal en over het multiversum. Ik moest erover denken, het is zo anders dan ik gewend ben om er tegenaan te kijken.

Ik:
Daar kan ik me alles bij voorstellen. Maar of je er op jouw manier over nadenkt, of op de manier van Hawking en Mlodinov, het blijft uiteindelijk ons bevattingsvermogen te boven gaan. En het model dat jij hanteert, heeft als grote voordeel dat ik het enigszins wél kan begrijpen.

Dante:
Dat bedoelde ik gisternacht ook te zeggen met mijn opmerking dat Hawking en Mlodinov het ook niet 'weten'.

Ik:
Dat begreep ik al en ik moe…