Doorgaan naar hoofdcontent

Horses, A Gift To Mankind

De titelpagina door Yoni de Groot
Naar aanleiding van de 100-jarige herdenking van Romsey Remount Depôt (1914-1918) in Romsey (Great Britain), heb ik in opdracht van The Romsey Choral Society een oratorium met de naam Horses, A Gift To Mankind gecomponeerd. Deze week heb ik er de laatste hand aan gelegd. Het werk is opgedragen aan Romsey Choral Society en hun voorzitter Katherine (Edwards) Tilling. Het is een compositie van ongeveer 29 minuten geworden voor spreekstem, gemengd koor, solist en symfonieorkest.

Het Romsey Remount Depôt was een groots opgezet distributiecentrum van oorlogspaarden gedurende Wereld Oorlog I. Meteen na de oorlog is het weer afgebroken. Veel van de huidige inwoners van Romsey waren tot voor kort niet op de hoogte van dit gigantische Depôt omdat de herinneringen waren uitgewist. Toch had de komst van dit grootse Depôt grote invloed gehad op een kleine stad als Romsey. Tijdens de Grote Oorlog werden er vanuit dit Depôt zo'n 1500 paarden per dag naar het front gestuurd. Ineens kwamen er 2000 mannen werken op een steenworp afstand van de stad. De aantallen gaan de verbeelding soms te boven: 15.000.000 paarden zijn er verscheept en ingezet in deze oorlog; te gruwelijk voor woorden! Mijn compositie is dan ook een ode aan het paard geworden met teksten uit verschillende werelddelen en van verschillende geloven.

De compositie begint met een scheppingsverhaal van het paard door Allah volgens een legende van de Bedoeïenen: het paard wordt door Allah gecreëerd door de wind met zijn adem leven in te blazen. Daarna gebruik ik teksten uit Trial of the Horse van de Indiase dichter/filosoof en Nobelprijswinnaar Rabindranath Tagore. Zijn teksten gaan over de schepping van het paard volgens Brahma. Vanuit zijn standpunt dat het paard een vredelievend en edel wezen is, kom ik tot het gedicht uit 1916 van de Franse dichter Guillaume Apollinaire: Le Cheval. Daarin stelt Apolinaire dat het lot van het paard bepaald wordt door het lot van de ruiter en dat gedichten geleid moeten worden als waren het paarden. Guillaume Apolinaire, die de verschrikkingen van de Eerste Wereldoorlog uit eigen ervaring kan verwoorden.

Het koor komt aan uitbundig aan bod in een "Engelse"  zetting van gedeelten uit Psalm 33 in een vertaling van de Australiër John Dunmore Lang. "Armies cannot save a King, nor a hero warlike horse", een besef dat duidelijk niet tot velen was doorgedrongen. Ook de Amerikaanse Katharine Lee Bates vraagt zich in 1916 het gedicht The Horses af wat paarden toch misdaan hebben om zo'n vreselijk lot als oorlogspaard te moeten ondergaan. Hebben paarden soms geen God?

Jack May kopieerde in 1916 aan het front te Ieper het ontroerende gedicht Only a dying horse. De spreker declameert het gedicht waarin emotioneel verhaald wordt van een soldaat die zich het lot van een stervend oorlogspaard aantrekt. Het is het enige gedicht dat ik niet van muzikale achtergrond voorzie; hierdoor komt de strekking indringender tot zijn recht. Deze tekst wordt gevolgd door een gedicht van Rudyard Kipling waarvan de strekking is dat we ons altijd moeten herinneren welke offers gebracht zijn. Een hymne met deze tekst is bij de eerste herdenking aan het Depôt, vlak na de oorlog, tot klinken gebracht. Ik heb deze tekst van andere muziek voorzien.

Het interieur van de Abbey Church
Het bekende Troïka-fragment uit Dode Zielen van Nikolai Gogol en een nonsens gedichtje van James Whitcomb Riley worden als een Rap uitgevoerd door koor en solist onder begeleiding van een pizzicato strijkorkest. Daarna herhaal ik de uitbundigheid van de muziek van eerdere psalm 33, maar nu met woorden van Psalm 147. Tot slot komen, in een oriëntaals aandoende sfeer die herinneringen oproept aan de Bedoeïenen legende uit het begin, melodieën uit het stuk bijeen terwijl het koor in een gedeelte uit Henry V van Shakespeare de grootsheid van het paard bezingt. De ode aan het paard heeft daarmee een wervelend slot gekregen.

Dit jaar voer ik met Consortium Musicum Divertimento uit Breda, deze compositie driemaal uit in Bretagne en éénmaal in Noord-Brabant (Ulvenhout). Het zijn try-outs waarna ik indien nodig nog wijzigingen kan aanbrengen. Daarna zal op 8 november 2014 het werk zijn officiële première krijgen in de Abbey Church in het Engelse Romsey. Ik verheug me er nu al op.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Ik had een droom (2)

Vannacht trof ik Dante op de stadsmuur van het Italiaanse plaatsje Lucca. Dante stelde me voor om samen het glas te heffen aan het pleintje waar het standbeeld van Puccini is geplaatst. Weldra zaten we in de stralende zon met een glas rode wijn in onze hand.

Dante:
Zullen we ons gesprek van gisteren voortzetten?

Ik:
Fijn, ik verheug me erop en ik ben zeer vereerd dat je na gisteren nog met me wilt praten.

Dante:
Natuurlijk! We hebben het gehad over het Heelal en over het multiversum. Ik moest erover denken, het is zo anders dan ik gewend ben om er tegenaan te kijken.

Ik:
Daar kan ik me alles bij voorstellen. Maar of je er op jouw manier over nadenkt, of op de manier van Hawking en Mlodinov, het blijft uiteindelijk ons bevattingsvermogen te boven gaan. En het model dat jij hanteert, heeft als grote voordeel dat ik het enigszins wél kan begrijpen.

Dante:
Dat bedoelde ik gisternacht ook te zeggen met mijn opmerking dat Hawking en Mlodinov het ook niet 'weten'.

Ik:
Dat begreep ik al en ik moe…

In memoriam Jan Jansen

Ik ontving eergisteren het bericht dat dirigent Jan Jansen afgelopen zaterdag 24 mei 2014 op 90-jarige leeftijd is overleden. Van Rose-Rie, zijn dochter die bij mij in het Zuid-Nederlands Kamerkoor zingt, had ik vorige week al gehoord dat het niet goed ging met hem. Toch kwam het bericht van het overlijden onverwacht voor me.

Jan Jansen was een begrip in Tilburg toen ik als 18-jarige jongeman aan het conservatorium kwam studeren. Mijn vrouw Kitty en haar moeder Trudy zongen bij Jan in zijn koren en hij was ook leraar aan het Paulus Lyceum waar Kitty van hem muziekles kreeg. Ik zou hem veel later opvolgen als muziekdocent aan die school. Jan was meer dirigent dan muziekdocent en hij werd geroemd om zijn initiatieven, zijn humor en vakmanschap. Ik keek op tegen Jan en ik heb destijds geen contact met hem (durven) zoeken ondanks het feit dat wij niet ver van elkaar woonden. Daar heb ik wel spijt van maar gedane zaken nemen geen keer. Vorig jaar heb ik hem opgezocht en we hadden een aller…