Doorgaan naar hoofdcontent

Geboeide Prometheus

Cor de Man, mijn leermeester voor wie ik altijd erg veel respect heb gehad, heeft lang geleden een voordracht gehouden onder de titel "Geboeide Prometheus". Het was een filosofische verhandeling over de waarde en functie van de kunst, uitgelegd aan de hand van de mythe van Prometheus. "Geboeide Prometheus" gaf mij inzichten die ik voorheen niet had en die bepalend zijn geweest voor mijn omgang met kunsten. Ik deel zijn gedachten graag met de lezer.

DE MYTHE
Prometeo encadenado van Gregorio Martinez (1590)
Prometheus (de vooruitziende) schept mensen uit leem. Pallas Athene (dochter van Zeus) blaast ze adem in en Zeus (de oppergod) laat ze aan hun lot over. Prometheus wordt de leermeester van de mensen en leert hen behalve de ambachten ook de kunsten. Zeus verlangt van de mensen grote offers en Prometheus weet via een list te bewerkstelligen dat de offers niet té groot behoeven te zijn. Zeus straft hem en de mensheid door Pandora, door Hephaistos (de smid en beheerder van het vuur) uit water en aarde. De broer van Prometheus, Epimetheus (de achteruitziende), huwt haar. Door haar nieuwsgierigheid opent zij een doosje met daarin alle rampen, ziekten en kwalen die zich daardoor over de mensheid verspreidden. Prometheus helpt de mensheid aan vuur (een vonk) dat hij steelt bij Hephaistos.
Zeus is kwaad en laat Prometheus straffen. Prometheus wordt aan een rots bij de Kaukasus waar de adelaar Ethon dagelijks zijn lever op komt eten. 's Nachts groeit de lever weer aan, waarna de adelaar weer komt. Prometheus dreigt Zeus met het geheim dat hij kent, namelijk de wijze waarop Zeus van de troon zal worden gestoten. Zeus dondert Prometheus in de Tartarus waar de folderingen doorgaan. Prometheus smeekt om de dood. Herakles (een held, één van de Argonauten) verlost hem. Hij richt de pijl op de adelaar, maar treft eerst de knie van de geneesheer der Goden, Cheiron (een Centaur). Daarna doodt hij de vogel.
Als Cheiron aanbiedt om in plaats van Prometheus in de onderwereld te gaan, verzoent Zeus zich met Prometheus.

UITGANGSPUNTEN BIJ DE UITLEG
De functie van het "ik" bestaat uit vier onderdelen: continuïteit, zelfhandhaving, zelfbeschouwing en openstaan voor nieuwe ervaringen. Door de laatste functie wordt de psychische inhoud van de mens steeds groter. De mens wordt daardoor een steeds samengestelde dynamisch geheel.
Het "ik" is zich nooit van zijn totaliteit bewust. Nieuwe inhouden worden door het "ik" opgenomen en ingevoegd in het geheel en is daardoor dynamisch.

Bij vereenzelviging met bepaalde inhouden wordt het "ik" statisch (tyranniek). Dit is fixerend denken, ook wel vervreemdend denken genoemd. Hierbij wordt de begeerte gestimuleerd; het "hebben" is hierbij belangrijker dan het "zijn". Het maakt mensen dingen, er ontstaan systemen, theorieën en ideologieën. De statische mens aanvaart dus bepaalde delen van de natuur in zich niet, andere wel. Zo ontstaat het conflict tussen bewust en onbewust; het "ik" en het "niet-ik".

De ervaring wordt door de verklaring van de mythe gereduceerd. Men kan namelijk meer beleven dan men zeggen kan. Woorden schieten soms tekort. De mythe is de verbeelding van de conflicten die ontstaan door het zelfbewustzijn en hoe deze op te lossen. Deze conflicten zijn onvermijdelijk.

DE UITLEG
Zeus, Altes Museum Berlin
1. Zeus verbeeldt het vermogen tot bewustwording en begrijpen. Prometheus verbeeldt het vermogen tot vooruitzien en creativiteit.
Het conflict ontstaat door de autoritaire neiging van Zeus; hij wijst Prometheus af. Dit geeft aan dat het versterkt "ik"-bewustzijn zich heeft vereenzelvigd met bepaalde inhouden en wijst andere inhouden af. De aanvaarde inhoud van Zeus is statisch, veilig en tegen verandering. Die van Prometheus zijn onveilig en een mogelijke ordeverstoorder.
2. Prometheus schept mensen, Zeus negeert ze uit vermeend zelfbehoud. De term "vermeend" wordt hier gebruikt omdat het geen echt zelfbehoud is. Een star "ik" houdt het leven tegen en wordt op den duur daarvan zelf het slachtoffer.
3. Prometheus brengt mensen het vuur (het symbool van het creatief vermogen). Hij leert de mensen het dierlijke instinct om te zetten in het bewust menselijke.
4. Prometheus steelt het vuur (begeerte) vanwege het starre "ik"  van Zeus. Het conflict verscherpt zich.
5. Prometheus wordt door Zeus aan de rots geketend en de adelaar (als symbool van het kritisch vermogen van de bewuste "ik") eet de lever (het symbool van de innerlijke harmonie) van Prometheus op. De mens met versterkt bewustzijn wordt geketend aan een bepaalde harde werkelijkheid.
Door een open verhouding tot de werkelijkheid ontstaan bewondering, verwondering en eerbied. De geest van de critiek, in dienst van het "ik"-bewustzijn, vernielt dit. Het belemmert de open verhouding en dus ook de ontwikkeling tot ruimer bewustzijn; met alle gevolgen van dien.
6. 's Nachts, door het opheffen van het bewustzijn in de slaap, herstelt de natuur wat de dag heeft verbruikt of vernield. Zeus (het vermogen tot inzicht) zal dat vermogen pas kans geven wanneer hij Prometheus bevrijdt. Met andere woorden, het "ik"-bewustzijn moet zich niet meer verzetten tegen de creatieve vermogens. Het verkalkt "ik"-bewustzijn gaat op den duur kapot. Voor verdere verzorging zijn gestichten beschikbaar.
7. Prometheus belandt in de onderwereld, hetgeen een volkomen verdringing door Zeus weergeeft. Hij schreeuwt om de dood, hij kan als afzonderlijke macht niet blijven bestaan. Het creatieve vermogen moet, op straffe van de totale ondergang, opgenomen worden in het geheel.
8. Herakles doodt de adelaar. Eerst schiet hij in de knie (symbool van de "trots") van Cheiron, de centaur (het symbool van de mens met "ik"-bewustzijn). De weerstand tegen het leven, de trots, is verdwenen. Cheiron daalt af in de Hades; de mens moet zichzelf durven geven. Het bewustzijn erkent het onderbewustzijn. Geest en natuur werken samen: het creatieve kan opbouwend gaan werken.

Wat dit betekent voor onze omgang met kunst komt in de volgende blog aan bod.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

In memoriam Jan Jansen

Ik ontving eergisteren het bericht dat dirigent Jan Jansen afgelopen zaterdag 24 mei 2014 op 90-jarige leeftijd is overleden. Van Rose-Rie, zijn dochter die bij mij in het Zuid-Nederlands Kamerkoor zingt, had ik vorige week al gehoord dat het niet goed ging met hem. Toch kwam het bericht van het overlijden onverwacht voor me.

Jan Jansen was een begrip in Tilburg toen ik als 18-jarige jongeman aan het conservatorium kwam studeren. Mijn vrouw Kitty en haar moeder Trudy zongen bij Jan in zijn koren en hij was ook leraar aan het Paulus Lyceum waar Kitty van hem muziekles kreeg. Ik zou hem veel later opvolgen als muziekdocent aan die school. Jan was meer dirigent dan muziekdocent en hij werd geroemd om zijn initiatieven, zijn humor en vakmanschap. Ik keek op tegen Jan en ik heb destijds geen contact met hem (durven) zoeken ondanks het feit dat wij niet ver van elkaar woonden. Daar heb ik wel spijt van maar gedane zaken nemen geen keer. Vorig jaar heb ik hem opgezocht en we hadden een aller…

Het bijzondere van het gewone

'Es gibt keine Wirklichkeit, als die, die wir in uns haben' (Hermann Hesse, Demian)
Doordat Olivia steeds beter gaat praten en ook verbanden gaat leggen en benoemen, wordt mijn fantasie op aangename wijze gestimuleerd. Niet in de betekenis dat ik wegdroom of er zomaar op los fantaseer. Nee, ik realiseer me, door haar opmerkingen, dat de werkelijkheid meer dimensies heeft dan ik met mijn sjabloondenken meen waar te nemen.

Door mijn (levens)ervaring duid ik alles aan de hand van hetgeen ik eerder heb waargenomen en denk te kennen. Ik leg als het ware een sjabloon op de werkelijkheid van mijn omgeving. Ik herken de algemene vorm, beoordeel het razendsnel als een exemplaar van de soort en ga in veel gevallen voorbij aan het specifiek eigene van wat ik zie. Dat is goed te begrijpen en ik houd mezelf voor dat dit heel normaal is. Je hoofd zou overlopen als je alles als uniek zou gaan zien. Daarom volsta ik met een globalere aanduiding van wat ik (her)ken: boom, man, struik, insect... I…