Doorgaan naar hoofdcontent

brood en spelen

Gisteravond werd op het wereldkampioenschap in Brazilië de wedstrijd Spanje-Nederland gespeeld. Er is de afgelopen weken langzamerhand naar dit toernooi toegewerkt in de media. De Tilburger Roy Donders werd in stelling gebracht en de Oranjekoorts sloeg onafwendbaar toe. Louis van Gaal ontpopte zich als een vriendelijke man die juist de genuanceerde sfeer het belangrijkst vond en de deskundigen in mijn omgeving bediscussieerden de voor- en de nadelen van de verschillende speelsystemen. Het lijkt wel of iedereen een mening heeft en of er niks belangrijkers op de wereld bestaat. Oorlogen, rampen en zelfs de ongerechtigheid en corruptie in het organiserende land zijn als bij toverslag vergeten. Het enthousiasme over de spelers en hun trainer overspoelt elke kritische noot die er te kraken valt.

Voor de gelegenheid waren onze kinderen met hun partners naar ons gekomen om deze wedstrijd met ons te bekijken. Sommigen waren in het oranje gekleed, dat schijnt er bij te horen. Ik mag graag een goede wedstrijd zien en ik geniet op zo'n avond van de saamhorigheid en de spanning. Gaandeweg de wedstrijd werd het enthousiasme groter. Het is ook niet niks om van de wereldkampioen uit 2010 met 5-1 te winnen. Hoewel maar weinigen in de voor de gelegenheid opgezette Poulão Nederland op voorhand als winnaar hadden aangewezen, was de stemming in huis en op de buis optimaal. Zelfs bij de nabeschouwing werd ademloos geluisterd naar wat spelers en trainer te zeggen hadden. Ondertussen vlogen via Facebook en Whatsapp de meligheden je om de oren. Wat kan voetbal leuk zijn!

Wat maakt het nu eigenlijk dat bij een potje voetbal (of bij sport in het algemeen) oerdriften naar boven komen? Dat we ons verbonden voelen in de strijd 'tegen' de opponent; dat we al wat we belangrijk vinden (al is het maar voor even) vergeten; dat de jager en strijder in ons naar boven komen? Zijn we evolutionair eigenlijk nog niet zo veel opgeschoten? Ik sta verbaasd bij het wegvallen van de kritische zin en het opgaan in een massaal doorleefde emotiegolf. Worden kritische geluiden eigenlijk nog wel getolereerd in die omstandigheden of ben je dan in het gunstigste geval een zeurpiet die altijd de sfeer weet te verpesten?

"Want waar er twee of drie in mijn naam bijeen zijn, daar ben Ik in hun midden." staat in Mattheus 18: 20. Maar wat als er in een stadion tienduizenden mensen bijeen zijn of wereldwijd miljoenen mensen kijken? En dan niet in Zijn naam? Deze evenementen gaan de menselijke maat te boven. Rinus Michels zei in een interview met het Algemeen Dagblad in 1970: "Topvoetbal is zoiets als oorlog. Wie te netjes blijft, is verloren". Het stadium van 'netjes'  hebben we allang overschreden. Kijk naar de belangenverstrengeling bij de FIFA, de omkoopschandalen, de corruptie, de arrogantie van de macht en het veronachtzamen van de rechten van de armsten in de Braziliaanse samenleving. Niemand die er verder nog om maalt. Althans, de wedstrijden gaan gewoon door. Sport en politiek moeten gescheiden blijven. Alsof ze niks met elkaar te maken hebben.

Ik geniet van het Nederlands elftal en zal zeker naar de volgende wedstrijden kijken. Ik ben, denk ik, vooral benauwd voor het gedrag van mensen in grote groepen. Opgenomen in de massa reageer je anders. Het lijkt of je het rationele deel van je verstand dan even op vakantie stuurt; dat je, in die omgeving anders reageert dan je normaal gesproken zou doen. De oude Romeinen hadden het goed door: brood en spelen, meer is er niet nodig om het collectieve geheugen te formatten of te beïnvloeden. Ik laat me het kijkplezier niet ontnemen: Hup Holland Hup! 5-1 en alle ellende is vergeten, hoezo verdeeldheid?! We kijken verbonden uit naar de volgende wedstrijd. Op naar de finale! Er is even niks belangrijkers te bedenken!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Speelt mijn linde, zingt de nachtegaal.

Gisteren waren de kinderen met de kleinkinderen op bezoek. Het was mooi weer en het is dan fijn om met zijn allen bijeen te zijn. De kleinkinderen claimen al onze aandacht; de jongsten, Floris en Reinout, omdat ze zo jong zijn en nog verzorging behoeven, Olivia omdat ze als driejarige de wereld aan het verkennen is. Elke leeftijd heeft zijn charme, maar de wereld van een driejarige vind ik wel erg boeiend om als bompa mee te mogen maken.

De taalontwikkeling van de driejarige Olivia gaat met sprongen vooruit. Ze spreekt in hele zinnen, vraagt voortdurend 'Waarom?' en je merkt aan alles dat zo'n kind de wereld aan het ontdekken is. Het kind heeft oog voor zaken waar wij als volwassenen allang blasé aan voorbijgaan. De aanwezigheid van een driejarige in je omgeving maakt dat je zelf de wereld ook weer met andere ogen beziet. De sprookjesachtige wereld van plant en dier, mens en omgeving, openbaren zich in alle luister aan wie er oog voor heeft. Olivia helpt mij de wereld weer …

God bestaat, Hij woont in Brussel.

Gisteravond heb ik een prachtige film bekeken: Le Tout Nouveau Testament, een film van schrijver Thomas Gunzig en cineast Jaco Van Dormael. God bestaat in deze film en Hij bewoont samen met Zijn vrouw en Zijn dochter Ea (verwijzing naar de Evangelische Alliantie?) een bedompt appartement zonder deuren naar de buitenwereld in een hoge flat in Brussel. Deze tirannieke en verknipte persoonlijkheid in zijn badjas terroriseert Zijn gezin en sluit zich op in Zijn geheime werkkamer waar hij op Zijn computer met sadistisch genoegen en uit verveling wetten uitschrijft die de mensheid moeten kwellen met allerlei groot en klein leed. Hij is anders dan Zijn weggelopen zoon J.C., die het volgens Hem te bont heeft gemaakt en naar Gods zeggen maar wat geïmproviseerd heeft. Zijn vrouw laat alles gedwee over zich heen gaan en Zijn dochter Ea komt voor de mensen op; zij hackt Zijn computer, maakt aan alle mensen via SMS hun sterfdatum bekend en loopt weg van huis. Zij daalt via een tunnel in de wasmach…