Doorgaan naar hoofdcontent

Een held in Nederland

De film over Michiel De Ruyter, die deze week in première ging, heeft al weer de nodige stof doen opwaaien. Was hij de verachtelijke slavenhandelaar of viel hij in vergelijking tot zijn tijdgenoten wel mee en was hij de held des Vaderlands? Hoe gaan wij om met ons verleden en verheerlijken wij Nederlanders onze eigen geschiedenis ten koste van de waarheid?

Herman Pleij, hoogleraar middeleeuwse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam en bij het grote publiek gekend door zijn altijd markante optreden in de Nederlandse media, heeft het er in zijn boek Moet kunnen. Op zoek naar een Nederlandse identiteit al over: onze drang om ons verleden te construeren. Pleij haalt de humanist Hadrianus Julius aan, de man die door Pleij de grondlegger van ons gereconstrueerd verleden wordt beschouwd door zijn rond 1570 voltooide boek Batavia waarin hij "bewijst" dat de Hollanders rechtstreeks afstammen van de Germaanse stam der Bataven.

Hadrianus schrijft de bewoners van de Lage Landen een algemene vergeetachtigheid toe als het om hun eigen verleden gaat: "Ons verleden wordt verwaarloosd en overdekt door de schade die de tijd veroorzaakt heeft of door boosaardigheid of luiheid van de schrijvers. Wij gaven ons verleden geen kans op onsterfelijkheid." Hadrianus gaf ons een identiteit; het oude Batavia werd door hem gepresenteerd als een ideale staat; iedereen wist wat hem of haar te doen stond, haat, nijd en afgunst bestonden niet. Alles geschiedde in grote rust, eenvoud en eensgezindheid. Kenmerkend voor de Bataven was hun gehechtheid aan volstrekte onafhankelijkheid.

Dat was niet tegen dovemansoren gezegd. Ook nu nog is dit een beeld dat we als Nederlanders (wie dat dan ook mogen zijn) koesteren. Wij hebben helden nodig, want een held geeft een gezicht aan onze natuurlijke hang naar volstrekte onafhankelijkheid en succes. Iemand die beschikt over de ware VOC-mentaliteit: een combinatie van avontuur, ondernemerschap en heldenmoed. Pleij heeft gelijk: "Daarbij doet het er dan niet toe dat de VOC in 1602 is opgericht om roekeloosheid in te dammen, want van bravoure kon de schoorsteen niet roken."

Het liefst bewonderen Nederlanders een gewone man, iemand waarin zij zich kunnen herkennen; iemand als Michiel De Ruyter. Ik laat Pleij even aan het woord: "De Ruyter was van eenvoudige afkomst, haalde in zijn blauwgeruite kiel wat kwajongensstreken uit (...) en wist de top van het krijgswezen ter zee te bereiken door alles uit de praktijk op te pikken. Niets ijdele geleerdheid of aristocratische afkomst, gewone jongens konden met hun boerenslimheid tot de hoogste posities opklimmen." Helden die zelfs op de top van hun heldendom gewoon blijven. Ook hierbij doen feitelijkheden er niet toe. Pleij: "Zijn grootste heldendaad - het stukvaren van een (...) door de rivier Medway gespannen ketting teneinde de Engelse vloot te vernietigen - bleek eerder zijns ondanks geschied te zijn. Hij was vierkant tegen zo'n roekeloze daad, maar Cornelis de Wit had als hoogste ambtenaar aan boord zijn bevoegdheid gebruikt om toch door te zetten - waarop De Ruyter zich ziek meldde en afdroop naar zijn kapiteinshut."

Een held in Nederland, het blijft schipperen. Ik ben benieuwd naar de film.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

In memoriam Jan Jansen

Ik ontving eergisteren het bericht dat dirigent Jan Jansen afgelopen zaterdag 24 mei 2014 op 90-jarige leeftijd is overleden. Van Rose-Rie, zijn dochter die bij mij in het Zuid-Nederlands Kamerkoor zingt, had ik vorige week al gehoord dat het niet goed ging met hem. Toch kwam het bericht van het overlijden onverwacht voor me.

Jan Jansen was een begrip in Tilburg toen ik als 18-jarige jongeman aan het conservatorium kwam studeren. Mijn vrouw Kitty en haar moeder Trudy zongen bij Jan in zijn koren en hij was ook leraar aan het Paulus Lyceum waar Kitty van hem muziekles kreeg. Ik zou hem veel later opvolgen als muziekdocent aan die school. Jan was meer dirigent dan muziekdocent en hij werd geroemd om zijn initiatieven, zijn humor en vakmanschap. Ik keek op tegen Jan en ik heb destijds geen contact met hem (durven) zoeken ondanks het feit dat wij niet ver van elkaar woonden. Daar heb ik wel spijt van maar gedane zaken nemen geen keer. Vorig jaar heb ik hem opgezocht en we hadden een aller…

Ik had een droom (2)

Vannacht trof ik Dante op de stadsmuur van het Italiaanse plaatsje Lucca. Dante stelde me voor om samen het glas te heffen aan het pleintje waar het standbeeld van Puccini is geplaatst. Weldra zaten we in de stralende zon met een glas rode wijn in onze hand.

Dante:
Zullen we ons gesprek van gisteren voortzetten?

Ik:
Fijn, ik verheug me erop en ik ben zeer vereerd dat je na gisteren nog met me wilt praten.

Dante:
Natuurlijk! We hebben het gehad over het Heelal en over het multiversum. Ik moest erover denken, het is zo anders dan ik gewend ben om er tegenaan te kijken.

Ik:
Daar kan ik me alles bij voorstellen. Maar of je er op jouw manier over nadenkt, of op de manier van Hawking en Mlodinov, het blijft uiteindelijk ons bevattingsvermogen te boven gaan. En het model dat jij hanteert, heeft als grote voordeel dat ik het enigszins wél kan begrijpen.

Dante:
Dat bedoelde ik gisternacht ook te zeggen met mijn opmerking dat Hawking en Mlodinov het ook niet 'weten'.

Ik:
Dat begreep ik al en ik moe…