Doorgaan naar hoofdcontent

De grenzen tussen goed en kwaad

Politici buitelen in deze verkiezingstijd over elkaar heen om de kiezer ervan te overtuigen dat zij het best onze belangen behartigen. Orde en veiligheid zijn bij hun partij in de beste handen. Als wij onze stem bij de verkiezingen op hen uitbrengen, zal het helemaal anders worden, ook al gaat het nu om provinciale verkiezingen. De terroristische aanslagen in Frankrijk en Denemarken werpen een schaduw over de verkiezingen hier. Er wordt ons door politici voorgehouden dat het naïef is om te denken dat we het redden zonder miljoenen euro’s aan terrorismebedreiging te besteden; er zijn volgens hen nu eenmaal prioriteiten te stellen. Iedereen weet dat we daarmee acties van kleine groepjes idioten niet kunnen vermijden, maar het klinkt voor velen geruststellend genoeg. Onze politici zullen de Westerse waarden verdedigen en verkondigen dat wij alleen door onze vrijheden gedeeltelijk op te geven, diezelfde vrijheid kunnen behouden.

De wijze waarop we veiligheid en vrijheid nastreven is doorslaggevend voor de mate van beschaving. Helaas vinden we het “beschaafd” uitvoeren van precisiebombardementen daarbij voor ons moreel beter verdedigbaar dan het ritueel onthoofden of verbranden van tegenstanders. Drones lijken met bommen de tegenstanders nu eenmaal schoner uit te schakelen dan fanatieke strijders met hun grote messen. Het vreselijke resultaat is echter per saldo hetzelfde of erger. Het opsluiten en martelen van terroristen zonder enige vorm van proces in het verre Cuba (Guatánamo Bay), uit het zicht van media, lijkt in Westerse ogen beter te rechtvaardigen dan wat die terroristen in hun mediafilmpjes naar buiten brengen. Beschaving is maar een dun laagje.
 
Islamitische Staat heeft, evenals de Taliban destijds in Afghanistan, de wereld onlangs weer eens geschokt. Ditmaal niet met het op gruwelijke wijze onthoofden of levend verbranden van andersdenkenden, maar door het vernietigen van eeuwenoude voortbrengselen van voorbije culturen. Op zich is dit een bekend gegeven dat van alle tijden is; culturen komen en culturen gaan en het vernietigen van een oude cultuur lijkt onvermijdelijk verbonden met het veranderen van mores en macht. Naarmate de omwenteling ingrijpender is, des te groter de wil bij de overwinnaar om sporen van het verleden uit te wissen. Het maakt dus klaarblijkelijk de weg vrij voor de nieuwe orde.

Misschien zijn wij op dit moment zo geschokt omdat nu, bijna live, op de televisie de terreur te zien is; het geweld en de schijnbaar grenzeloze haat komt daarmee in de beschermde omgeving van onze huiskamers. Als reactie op de recente vernietiging van oude kunstschatten verkondigen wij dat vernietiging van kunst ontoelaatbaar is en zijn we als beschaafde landen van mening dat we in moeten grijpen, desnoods met geweld. Wij lijken daarbij uit het oog te verliezen hoe de inquisitie bij ons heeft huisgehouden met het geloof als rechtvaardiging voor hun gruweldaden en dat in menig kerk nog het vreselijke resultaat van de beeldenstorm uit 1566 te aanschouwen is. Wat overigens te denken over de concentratiekampen en het bombarderen van Dresden en Nürnberg als reactie daarop of meer recent het opblazen van de historische brug van Mostar in 1993 of het vernietigen van de Syrische stad Aleppo. Het op grote schaal vernietigen van cultureel erfgoed is niet nieuw. Onze eigen historie is dus niet zoveel anders dan die in het Midden-Oosten.

Je kunt jezelf afvragen of de ‘kunstenaar’ door de tijden heen wel eeuwigheid van het kunstwerk heeft nagestreefd. Kunst komt en kunst gaat, zoals mensen komen en gaan. Wij leven op dit moment in een cultuur waarbij we alles van waarde in oude staat herstellen of conserveren. Het 19de-eeuwse beeld van de kunstenaar is nu nog van toepassing. De kunstenaar lijkt nu zijn kunst te maken om rijk of op zijn minst onsterfelijk te worden. Je hoeft echter “De sociale geschiedenis van de kunst” van Arnold Hauser er maar op na te lezen om te weten dat het maken van kunst voor de kunstenaar niet altijd verbonden is geweest met het streven naar eeuwige roem of onvergankelijkheid. Sterker nog, vroeger werd ‘kunst’ zelfs als beter ervaren als het leek op bestaand werk, anoniemer was. Kunstenaars signeerden hun kunstwerken dan ook niet en dat was niet alleen uit bescheidenheid.

Als je getuigenissen uit verleden of heden naast elkaar plaatst zie je nauwelijks verschillen in gruwelijkheid en onverdraagzaamheid. Je zou je haast afvragen of al dit menselijk handelen besloten ligt in het mens-zijn en dus niet zozeer afhankelijk is van de culturele context. De grenzen tussen goed en kwaad zijn niet zo scherp als dat we soms willen geloven. Wij boffen dat wij in Nederland zijn opgegroeid in betrekkelijke vrede en in grote welvaart. Maar ook onze status quo zal ongetwijfeld ooit doorbroken worden. Daar zullen we mee moeten leren leven.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Non-conformisme

Ik heb een zwak voor mensen die zich non-conformistisch opstellen. Zij geven onze wereld kleur en zorgen er telkens voor dat ons referentiekader wordt doorbroken, gewild of ongewild. Zo kan ik veel plezier beleven als product en functie door non-conformisten worden losgekoppeld. Bekende voorbeelden zijn natuurlijk Duchamp met zijn pissoir, zijn kruk met wiel of Picasso met zijn zadel en fietsstuur. De kunstenaar koppelt de onderdelen los van hun functie en er ontstaat een nieuwe realiteit waarbij het nieuwe beeld een andere betekenis krijgt. Het is maar hoe je naar de diverse onderdelen kunt kijken.

De kunstenaar is volgens mij niet op zoek naar nieuwe functies of nieuwe beelden. Hij gebruikt wat hij in zijn omgeving ziet. Picasso ging bijna associatief te werk. Ik heb thuis de DVD "Le Mystère Picasso" en daarin is te zien hoe Picasso van het een op het ander komt. Hij produceert omdat hij niet anders kan, het ligt in zijn aard opgesloten om met beelden bezig te zijn.

Nieuwe…

Omdenken, het overwegen meer dan waard

Omdenken is een andere manier om naar de werkelijkheid te kijken. We kunnen door omdenken anders tegen problemen aankijken. Dit omdenken is voortgekomen uit het besef dat wij zelf onderdeel van het probleem zijn. Problemen bestaan namelijk als wij het moeilijk vinden om het beeld van wat het zou moeten zijn los te laten, om open te staan voor wat is of zou kunnen zijn. Uitgangspunt bij omdenken is dat als we het gevoel hebben dat we steeds vaster in het probleem draaien als we op een bepaalde manier op de werkelijkheid drukken, we beter eens de andere kant op kunnen bewegen. Omdenken levert vaak verrassende inzichten op en is eigenlijk niet meer of minder dan het stoppen met het zogenaamde vastdenken.

Als je handelen baseert op iets wat je níet wilt (een probleem), is de kans groot dat je in een neerwaartse spiraal belandt. Je bent dan als het ware bezig aan het dweilen met de kraan open. Bovendien is er meestal sprake van het waterbed-effect: druk ergens op het waterbed en ergens and…