Doorgaan naar hoofdcontent

Uitgestompt en afgeblust?


Afgelopen weekend waren Piet en Wilhelmien van den Boomen bij ons op bezoek. Wij kennen hen al vanaf onze studietijd aan het conservatorium te Tilburg. Piet studeerde met ons Schoolmuziek bij Cor de Man en Piet en ik studeerden daarna Hoofdvak Theorie bij Jan van Dijk. Tijdens zijn stageperiode in Loven (een wijk in Tilburg) leerde hij Wilhelmien kennen en sindsdien is onze vriendschap een constante factor geweest in ons leven. We hebben lief en leed gedeeld en ook al zien we elkaar soms langere tijd niet, het is altijd weer als vanouds als we bij elkaar zijn. Er vallen nooit ongemakkelijke stiltes en we hebben elkaar altijd wel wat te vertellen. Zo ook dit weekend.

Kitty had lekker gekookt en het tafelgesprek ging na het uitwisselen over de laatste nieuwtjes betreffende onze kinderen en kleinkinderen, ook over onze passie die we delen: onderwijs. Piet geeft al lang les aan het Onze Lieve Vrouwe Lyceum in Breda en ik heb 20 jaar les gegeven in het voortgezet onderwijs, waarvan 5 jaar als externe deskundige bij Katholiek Pedagogisch Centrum te Den Bosch. Kitty werkt bijna 25 jaar als docent bij de PABO, Avans Hogeschool te Breda en Wilhelmien runt 28 jaar, na haar baan als kleuterleidster, een goed lopende gastouderopvang 'De Bezige Bijtjes' aan huis. Wij hebben iets met opvoeding, scholing en kinderen. Het is een onderwerp dat ons boeit en bezighoudt.

Of het aan de goede maaltijd heeft gelegen of aan de uitstekende Retsina, de rode wijn of een gelukkige combinatie van beide, weet ik niet, maar aan tafel ontstond een boeiend gesprek over de inrichting van ons onderwijs en de invloed die het gebouw heeft op het leren van mensen. Wij kwamen tot de ontdekking dat we in het onderwijs (en mogelijk op veel meer terreinen) te vaak de weg van de minste weerstand volgen. We weten dat klassikaal en via leerjaren werken zijn nadelen heeft en beseffen zelfs dat het inroosteren volgens vastgestelde lestijden en momenten in de week niet altijd recht doen aan de spanningsboog van de individuele mens. Waarom regelen we dat alles dan zo strak? Waarom zijn er zo weinig mogelijkheden om van het geëigende pad af te wijken? Waarom moet iedereen altijd alle vakken doorlopen om een diploma te krijgen en waarom laten we leerlingen niet zelf uitmaken waar ze op een bepaald moment behoefte aan hebben? We spreken over 21st Century Skills maar de inrichting van onze scholen staat vaak haaks op de manieren waarop mensen kunnen leren. We evalueren ons handelen, maar de grote structuren, de inrichting van het onderwijs in leerjaren en het verplicht doorlopen van een x-aantal vakken, staan nooit ter discussie. Het verandert allemaal maar langzaam en veel ruimte voor experiment is er niet. We spreken over innovatie, maar binnen het onderwijs durven we eigenlijk niets los te laten. Terwijl we soms het idee hebben dat het radicaal anders zou moeten.




Piet gaat binnenkort met pensioen; hij is 62 jaar maar heeft gedurende zijn arbeidzame leven gespaard zodat hij eerder met verlof kan gaan. Wilhelmien gaat nog even door met haar werk en Kitty en ik moeten nog tot ons 67ste levensjaar doorgaan. Ons leven heeft ons door ervaring geleerd wat er nodig is voor goed onderwijs. We zijn niet ingeslapen en hebben ontwikkelingen goed bijgehouden. Het is zo jammer dat in heel Nederland mensen uit het onderwijsveld vertrekken zonder dat iemand geïnteresseerd is in hun visie en ervaringen. We evalueren ons te pletter, maar bij het bereiken van een pensioengerechtigde leeftijd rest de gepensioneerde niets meer dan zijn collega's toe te spreken en mogelijk wat van zijn ervaring met hen te delen. Ze luisteren er plichtmatig of zelfs geboeid naar en in het gunstigste geval spreken ze er waarderende woorden over bij de borrel om vervolgens weer door te gaan met waar ze mee bezig waren. Het zou mij een lief ding waard zijn als ervaringen en opgedane kennis wat meer mee zouden spelen in het optuigen van nieuw beleid. Niet iedereen die lang in het onderwijs heeft lesgegeven is afgestompt of uitgeblust.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Non-conformisme

Ik heb een zwak voor mensen die zich non-conformistisch opstellen. Zij geven onze wereld kleur en zorgen er telkens voor dat ons referentiekader wordt doorbroken, gewild of ongewild. Zo kan ik veel plezier beleven als product en functie door non-conformisten worden losgekoppeld. Bekende voorbeelden zijn natuurlijk Duchamp met zijn pissoir, zijn kruk met wiel of Picasso met zijn zadel en fietsstuur. De kunstenaar koppelt de onderdelen los van hun functie en er ontstaat een nieuwe realiteit waarbij het nieuwe beeld een andere betekenis krijgt. Het is maar hoe je naar de diverse onderdelen kunt kijken.

De kunstenaar is volgens mij niet op zoek naar nieuwe functies of nieuwe beelden. Hij gebruikt wat hij in zijn omgeving ziet. Picasso ging bijna associatief te werk. Ik heb thuis de DVD "Le Mystère Picasso" en daarin is te zien hoe Picasso van het een op het ander komt. Hij produceert omdat hij niet anders kan, het ligt in zijn aard opgesloten om met beelden bezig te zijn.

Nieuwe…

Omdenken, het overwegen meer dan waard

Omdenken is een andere manier om naar de werkelijkheid te kijken. We kunnen door omdenken anders tegen problemen aankijken. Dit omdenken is voortgekomen uit het besef dat wij zelf onderdeel van het probleem zijn. Problemen bestaan namelijk als wij het moeilijk vinden om het beeld van wat het zou moeten zijn los te laten, om open te staan voor wat is of zou kunnen zijn. Uitgangspunt bij omdenken is dat als we het gevoel hebben dat we steeds vaster in het probleem draaien als we op een bepaalde manier op de werkelijkheid drukken, we beter eens de andere kant op kunnen bewegen. Omdenken levert vaak verrassende inzichten op en is eigenlijk niet meer of minder dan het stoppen met het zogenaamde vastdenken.

Als je handelen baseert op iets wat je níet wilt (een probleem), is de kans groot dat je in een neerwaartse spiraal belandt. Je bent dan als het ware bezig aan het dweilen met de kraan open. Bovendien is er meestal sprake van het waterbed-effect: druk ergens op het waterbed en ergens and…