Doorgaan naar hoofdcontent

Conceptualisme



In 1917 was er in New York door de Society of Independent Artists een grote expositie van moderne kunst georganiseerd : de Independents Exhibition. Zij verzetten zich tegen de in hun ogen verstikkende en conservatieve National Academy of Design. Marcel Duchamp (1887-1968) was, behalve bestuurslid van deze vereniging, medeorganisator van deze expositie. Hij stuurde een urinoir in dat hij ontdeed van zijn functionele doel door dit object als readymade horizontaal in plaats van verticaal te exposeren. Hij signeerde het urinoir met het pseudoniem R. Mutt 1917 en noemde zijn inzending Fountain. Het was een provocatie van de hoogste orde; een urinoir werd als stuitend en vulgair gevonden. Duchamp stak de draak met academici en critici die pretendeerden te weten wat "kunst" en "goede smaak" inhield.

Over het pseudoniem R. Mutt doen enkele verhalen de ronde. Zo zou Mutt een verbastering van Mott zijn, de winkel waar Duchamp het urinoir gekocht zou hebben. Een andere uitleg is dat Mutt zou verwijzen naar de dagelijks verschijnende strip Mutt and Jeff in de San Francisco Chronicle. De hoofdfiguren hierin waren A. Mutt, een domme bedrieger die snel rijk wilde worden, en Jeff, een goedgelovig hulpje. Omdat Duchamp met zijn ingezonden kunstwerk Fountain de academici en critici wilde bruuskeren, is de verwijzing naar deze stripfiguur wel aannemelijk voor mij.

Marcel Duchamp is door dit schandaal voorgoed gekoppeld aan de opkomst van de moderne kunst. Duchamp heeft erg veel invloed gehad op onze perceptie van wat kunst en de plaats van de kunstenaar in de (kunst)wereld eigenlijk is. Hij stelde de begrippen "kunstwerk" en "kunstenaar" ter discussie en ging daarbij provocerender te werk dan ooit daarvoor was gedaan. Voor Duchamp kwam het "idee" op de eerste plaats. Als kunstenaar kun je context en betekenis veranderen en iets tot kunst verheffen door bijvoorbeeld het functionele doel te ontnemen aan gebruiksvoorwerpen. Een urinoir hangt (=positie) normaal gesproken in een mannentoilet (=context), mannen kunnen er relatief gemakkelijk urineren (=functie) en het is gemaakt van porselein (= structuur). Duchamps legt (andere positie) het urinoir in een museum (andere context) waarbij het om de vorm gaat (niet meer de oorspronkelijke functie) en laat het materiaal porselein (structuur) onaangetast. Losgekoppeld van functie en in een andere context zie je het urinoir ineens anders.

In wezen kon voor Duchamp dus alles kunst zijn, zolang de kunstenaar dat zei. De rol van de kunstenaar in de samenleving leek voor hem op die van de filosoof. De ideeën van de kunstenaar hadden dus geen ander functioneel doel dan zichzelf te zijn als commentaar op de wereld. We spreken dan over "conceptualisme". Voor de conceptuele kunstenaar is het kunstwerk vooral een uitdaging aan het intellect. Begrippen als "mooi" of "lelijk" doen er voor sommigen dan ook niet toe; het "idee" telt.

Fountain is nooit in het openbaar getoond. Het verhaal gaat dat Fountain door een walgend commissielid verbrijzeld is om het tonen van het kunstwerk onmogelijk te maken. Een foto uit die tijd door Alfred Stieglitz, een gerespecteerd lid van de kunstwereld, bewijst dat het voorwerp bestaan heeft en dat het als "kunstwerk" aangemerkt werd. Zowel de oorspronkelijke readymade als de foto zijn verdwenen. Er zijn veel kopieën van Duchamp's Fountain bekend en het werk heeft grote invloed gehad op volgende generaties. Het bewijst zijn stelling dat de kunst niet in het voorwerp op zich schuilt, maar in het "idee".


Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Speelt mijn linde, zingt de nachtegaal.

Gisteren waren de kinderen met de kleinkinderen op bezoek. Het was mooi weer en het is dan fijn om met zijn allen bijeen te zijn. De kleinkinderen claimen al onze aandacht; de jongsten, Floris en Reinout, omdat ze zo jong zijn en nog verzorging behoeven, Olivia omdat ze als driejarige de wereld aan het verkennen is. Elke leeftijd heeft zijn charme, maar de wereld van een driejarige vind ik wel erg boeiend om als bompa mee te mogen maken.

De taalontwikkeling van de driejarige Olivia gaat met sprongen vooruit. Ze spreekt in hele zinnen, vraagt voortdurend 'Waarom?' en je merkt aan alles dat zo'n kind de wereld aan het ontdekken is. Het kind heeft oog voor zaken waar wij als volwassenen allang blasé aan voorbijgaan. De aanwezigheid van een driejarige in je omgeving maakt dat je zelf de wereld ook weer met andere ogen beziet. De sprookjesachtige wereld van plant en dier, mens en omgeving, openbaren zich in alle luister aan wie er oog voor heeft. Olivia helpt mij de wereld weer …

God bestaat, Hij woont in Brussel.

Gisteravond heb ik een prachtige film bekeken: Le Tout Nouveau Testament, een film van schrijver Thomas Gunzig en cineast Jaco Van Dormael. God bestaat in deze film en Hij bewoont samen met Zijn vrouw en Zijn dochter Ea (verwijzing naar de Evangelische Alliantie?) een bedompt appartement zonder deuren naar de buitenwereld in een hoge flat in Brussel. Deze tirannieke en verknipte persoonlijkheid in zijn badjas terroriseert Zijn gezin en sluit zich op in Zijn geheime werkkamer waar hij op Zijn computer met sadistisch genoegen en uit verveling wetten uitschrijft die de mensheid moeten kwellen met allerlei groot en klein leed. Hij is anders dan Zijn weggelopen zoon J.C., die het volgens Hem te bont heeft gemaakt en naar Gods zeggen maar wat geïmproviseerd heeft. Zijn vrouw laat alles gedwee over zich heen gaan en Zijn dochter Ea komt voor de mensen op; zij hackt Zijn computer, maakt aan alle mensen via SMS hun sterfdatum bekend en loopt weg van huis. Zij daalt via een tunnel in de wasmach…