Doorgaan naar hoofdcontent

Gastvrijheid kent geen grenzen

In Nederland en andere rijke Westerse landen geloven sommige mensen dat hun land wordt "overspoeld" door grote stromen vluchtelingen. Wereldwijd zijn er miljoenen mensen op de vlucht. Ze vluchten voor oorlog, voor een natuurramp of omdat ze bang zijn om opgepakt en in een gevangenis gestopt te worden. In werkelijkheid blijven de meeste vluchtelingen in eigen land of een aangrenzend buurland. Maar een klein deel komt feitelijk in het Rijke Westen terecht:


Werelddeel
   Aantal vluchtelingen
    % van het totaal
Azië
        8.603.600
         41,5
Afrika
        5.169.300
         24,9
Europa
        3.666.700
         17,7
Latijns Amerika en Caribisch gebied
        2.513.000
         12,1
Noord-Amerika
           716.800
           3,4
Australië en Oceanië
             82.500  
           0,4
Totaal
      20.751.900
          
         100


De laatste week krijgen we dagelijks beelden van grote groepen vluchtelingen die via Zuid- en Oost-Europa naar het noorden willen gaan. Duitsland en Zweden zijn daarbij favoriete doelen. Europese politici buitelen over elkaar heen, doen populistische uitspraken, bedenken onhaalbare maatregelen en geven vooral te kennen dat zij de oplossing voor het probleem weten. 

Station Merksem bij Antwerpen, 1914
Het probleem is van alle tijden en Nederland heeft zo'n 100 jaar geleden te maken gehad met enorme vluchtelingenstromen, waarbij de huidige vluchtelingenstroom in het niet verzinkt. Maar liefst 1.000.000 uitgeputte Belgen kwamen in het begin van oktober 1914 naar ons land. Het Antwerpse gemeentebestuur had de bevolking aangeraden om de stad - die ieder moment door de Duitsers kon worden gebombardeerd - onmiddellijk te verlaten. De meeste inwoners van de stad en omgeving sloegen op de vlucht. Een aaneengesloten file van voetgangers en wagens strekte zich uit van Antwerpen tot aan de Nederlandse grens.

Koningin Wilhelmina had in de troonrede van 15 september 1914 al laten weten dat er absoluut geen misverstand over kon bestaan; alle vluchtelingen zouden met open armen worden ontvangen. De Nederlandse bevolking toonde zich eveneens van haar beste kant. Lokale particuliere hulpcomités schoten als paddestoelen uit de grond. In Amsterdam werd het landelijke Nederlands Comité tot steun van Belgische en andere vluchtelingen opgericht. De Belgen werden opgevangen in vluchtoorden als Uden, Hardenberg, Nunspeet en Middelburg. 

Station Boedapest, 2015
De treinstations raakten overvol. 500.000 Belgen zochten hun toevlucht in Noord-Brabant, 400.000 in Zeeland en 100.000 in Limburg. De plaatsen Roosendaal en Bergen op Zoom - die in Brabant de meeste vluchtelingen kregen te verwerken - veranderden in Belgische steden. De toegangswegen tot de stadjes raakten verstopt door de kilometerslange stoet van hongerige, verzwakte en paniekerige Belgen. Beelden die sterk lijken op de beelden in Hongarije. Als uiting van nationale liefdadigheid zetten de Nederlanders zich weer massaal in voor de Belgische oorlogsslachtoffers. De Belgische vluchtelingen gingen een belangrijk deel uitmaken van het maatschappelijk leven in de zuidelijke provincies. Bijna iedereen nam daar wel een Belg in huis. De huidige actie om de vluchtelingen in huis te nemen, is 100 jaar geleden al in de praktijk gebracht.

Brabant 1914
Aan de ene kant werden de vluchtelingen met open armen opgevangen, anderzijds verzocht de minister de gemeentebesturen enig mate van 'zachte drang' uit te oefenen om een spoedige terugkeer naar België te bevorderen, zo dat blijkt uit een circulaire van 17 oktober 1914 gericht aan de Nederlandse gemeentebesturen. Nederland opende bovendien onderhandelingen met de Duitse bezettingsmacht in België. De regering wilde een spoedige terugkeer van vluchtelingen mogelijk maken. Generaal-majoor Van Terwisga sprak onder andere met de Duitse gouverneur Schröder in Antwerpen. In een op Nederlands verzoek afgekondigde proclamatie stond dat de naar Nederland gevluchte Belgen uit Antwerpen en omgeving zonder represailles naar hun stad konden terugkeren. Het uitnodigen van invloedrijke Antwerpenaren die achterdochtige Belgische vluchtelingen ervan moesten overtuigen dat een veilige terugkeer mogelijk was, had echter meer succes. In de periode oktober 1914-mei 1915 zouden 900.000 Belgen ons land weer verlaten. Iets meer dan 100.000 Belgen verbleven tot het einde van de oorlog in Nederland.
Hongarije 2015

Nederland had in die tijd zelf 6.000.000 inwoners. In één klap was dus één op de zeven inwoners van Nederland toen vluchteling. In huidige omstandigheden zou dat dus te vergelijken zijn met de komst van ruim 2.000.000 vluchtelingen alleen al in ons land. Die aantallen zijn bij lange na nog niet bereikt. Als wij zo gastvrij zouden zijn als onze voorouders van 100 jaar geleden, zit er nog rek in de aantal vluchtelingen die wij kunnen herbergen.





Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Non-conformisme

Ik heb een zwak voor mensen die zich non-conformistisch opstellen. Zij geven onze wereld kleur en zorgen er telkens voor dat ons referentiekader wordt doorbroken, gewild of ongewild. Zo kan ik veel plezier beleven als product en functie door non-conformisten worden losgekoppeld. Bekende voorbeelden zijn natuurlijk Duchamp met zijn pissoir, zijn kruk met wiel of Picasso met zijn zadel en fietsstuur. De kunstenaar koppelt de onderdelen los van hun functie en er ontstaat een nieuwe realiteit waarbij het nieuwe beeld een andere betekenis krijgt. Het is maar hoe je naar de diverse onderdelen kunt kijken.

De kunstenaar is volgens mij niet op zoek naar nieuwe functies of nieuwe beelden. Hij gebruikt wat hij in zijn omgeving ziet. Picasso ging bijna associatief te werk. Ik heb thuis de DVD "Le Mystère Picasso" en daarin is te zien hoe Picasso van het een op het ander komt. Hij produceert omdat hij niet anders kan, het ligt in zijn aard opgesloten om met beelden bezig te zijn.

Nieuwe…

Omdenken, het overwegen meer dan waard

Omdenken is een andere manier om naar de werkelijkheid te kijken. We kunnen door omdenken anders tegen problemen aankijken. Dit omdenken is voortgekomen uit het besef dat wij zelf onderdeel van het probleem zijn. Problemen bestaan namelijk als wij het moeilijk vinden om het beeld van wat het zou moeten zijn los te laten, om open te staan voor wat is of zou kunnen zijn. Uitgangspunt bij omdenken is dat als we het gevoel hebben dat we steeds vaster in het probleem draaien als we op een bepaalde manier op de werkelijkheid drukken, we beter eens de andere kant op kunnen bewegen. Omdenken levert vaak verrassende inzichten op en is eigenlijk niet meer of minder dan het stoppen met het zogenaamde vastdenken.

Als je handelen baseert op iets wat je níet wilt (een probleem), is de kans groot dat je in een neerwaartse spiraal belandt. Je bent dan als het ware bezig aan het dweilen met de kraan open. Bovendien is er meestal sprake van het waterbed-effect: druk ergens op het waterbed en ergens and…