Doorgaan naar hoofdcontent

Vragen en inzichten

Vandaag een boeiend en diepgaand gesprek gehad  over godsbeelden en zingeving met een bevriend en door mij gerespecteerd dominee. Ik heb het gevoel dat zij mij enorm heeft geholpen mijn gedachten te ordenen. Doordat ik mijn vragen moest formuleren en mijn gedachten moest verwoorden, kwam ik al pratend tot inzichten. We gingen uiteen met de gedachte dat misschien het loslaten van vragen een ultiem stadium is voor inzicht en rust. Dat punt heb ik in ieder geval nog niet bereikt.

Sinds mijn bezoek aan India ben ik meer en meer gaan nadenken over de zin van ons bestaan, de verschillende manieren waarop je binnen diverse culturen met levensvragen kunt omgaan in relatie tot datgene wat mij binnen mijn cultuur is geleerd. Direct na terugkomst uit India had ik mijn indrukken absoluut nog niet verwerkt en zat er geen duidelijke lijn in mijn manier van denken erover. Diverse gebeurtenissen en ervaringen doken ineens, zonder aanleiding, op en voordat ik hierop rustig mijn gedachten over kon laten gaan, kwamen andere gedachten weer naar boven. Nu pas heb ik de rust om verschillende indrukken en ervaringen wat meer vanuit een breder perspectief te bekijken en juist daarom was het gesprek vandaag zo belangrijk voor mij. Om vanuit mijn achtergrond te formuleren: "Een geschenk uit de hemel."

Elk geloof vindt naar mijn vaste overtuiging de oorsprong in de vraag naar zingeving. Het onoplosbare wonder van leven en dood en vervolgens de vraag hoe je in die tussentijd het best kunt leven, heeft de mensheid altijd al beziggehouden. Binnen diverse culturen en samenlevingen hebben mensen er goed over nagedacht en de grote godsdiensten van deze wereld zijn het resultaat van deze gedachtenexercities. Ik ga er in mijn denken dus vanuit dat het geloof "bedacht" is door mensen om het onoplosbare mysterie van leven en dood een plaats te geven. Het kan in mijn ogen dan ook per definitie niet zo zijn dat het ene geloof "beter" of "echter" zou zijn dan het andere. Ik vind het constructiever om op zoek te gaan naar overeenkomsten en het "beste" of "meest aansprekende" uit elk geloof. Het ligt voor mij echter niet zo eenvoudig; ik heb een fundamenteler probleem met het geloof.

Er is meer tussen hemel en aarde dan we met wetenschap of denken kunnen verklaren, dat staat voor mij vast. Ik denk dat we nooit een bevredigend antwoord zullen vinden betreffende de fundamentele vragen van ons bestaan. We kunnen elkaar bestrijden, in het ergste geval onthoofden of verbranden als ketter, maar uiteindelijk zal dat niks wezenlijks oplossen. Niemand heeft het alleenrecht op de waarheid, als er die al is. Het lijkt me geweldig om met de zekerheid van een duidelijk Godsbeeld door het leven te gaan. Mijn moeder had zo'n onwrikbaar geloof; niet zozeer in de kerk als instituut, maar wel in het geloof met een hiernamaals en een beschermende God en bijbehorende heiligen. Kon ik dat maar, denk ik af en toe. Het lijkt me rustiger en ik moet toegeven dat met deze manier van geloven alle niet te beantwoorden vragen opgelost worden.

India heeft me verwantschappen tussen religies laten inzien; de verschillende geloven bestaan er naast elkaar en de mensen zijn er toegankelijk en willen graag delen. Uit de gesprekken die ik er voerde en door hetgeen ik daar zag, werd me duidelijk dat wij, westerlingen, de wijsheid niet in pacht hebben. Niet dat ik dat al dacht, maar India versterkte dit bewustzijn in mij. Ook de menselijke hang naar rituelen, dat in elk geloof terug te vinden is, beleefde ik daar intens. Het zijn die rituele uitingen die me in elk geloof aanspreken. Vanuit mijn Rooms-Katholieke opvoeding, die omgeven was door mystiek, ben ik daar gevoelig voor. De vragen die ik mezelf stel, zal ik nooit, op een voor mezelf bevredigende wijze, kunnen beantwoorden. Voor mij geen reden om ze niet te stellen of om gefrustreerd door het leven te gaan. Het gesprek van vanochtend heeft me weer op een goed spoor gezet.


Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Ik had een droom (2)

Vannacht trof ik Dante op de stadsmuur van het Italiaanse plaatsje Lucca. Dante stelde me voor om samen het glas te heffen aan het pleintje waar het standbeeld van Puccini is geplaatst. Weldra zaten we in de stralende zon met een glas rode wijn in onze hand.

Dante:
Zullen we ons gesprek van gisteren voortzetten?

Ik:
Fijn, ik verheug me erop en ik ben zeer vereerd dat je na gisteren nog met me wilt praten.

Dante:
Natuurlijk! We hebben het gehad over het Heelal en over het multiversum. Ik moest erover denken, het is zo anders dan ik gewend ben om er tegenaan te kijken.

Ik:
Daar kan ik me alles bij voorstellen. Maar of je er op jouw manier over nadenkt, of op de manier van Hawking en Mlodinov, het blijft uiteindelijk ons bevattingsvermogen te boven gaan. En het model dat jij hanteert, heeft als grote voordeel dat ik het enigszins wél kan begrijpen.

Dante:
Dat bedoelde ik gisternacht ook te zeggen met mijn opmerking dat Hawking en Mlodinov het ook niet 'weten'.

Ik:
Dat begreep ik al en ik moe…

In memoriam Jan Jansen

Ik ontving eergisteren het bericht dat dirigent Jan Jansen afgelopen zaterdag 24 mei 2014 op 90-jarige leeftijd is overleden. Van Rose-Rie, zijn dochter die bij mij in het Zuid-Nederlands Kamerkoor zingt, had ik vorige week al gehoord dat het niet goed ging met hem. Toch kwam het bericht van het overlijden onverwacht voor me.

Jan Jansen was een begrip in Tilburg toen ik als 18-jarige jongeman aan het conservatorium kwam studeren. Mijn vrouw Kitty en haar moeder Trudy zongen bij Jan in zijn koren en hij was ook leraar aan het Paulus Lyceum waar Kitty van hem muziekles kreeg. Ik zou hem veel later opvolgen als muziekdocent aan die school. Jan was meer dirigent dan muziekdocent en hij werd geroemd om zijn initiatieven, zijn humor en vakmanschap. Ik keek op tegen Jan en ik heb destijds geen contact met hem (durven) zoeken ondanks het feit dat wij niet ver van elkaar woonden. Daar heb ik wel spijt van maar gedane zaken nemen geen keer. Vorig jaar heb ik hem opgezocht en we hadden een aller…