Doorgaan naar hoofdcontent

Het sociale gezicht van de familie Philips

Gisteren met Gerwald naar voetbal gaan kijken in het PSV-stadion in Eindhoven; tegenstander was degradatiekandidaat SC Cambuur. De uitslag (6-2) ziet er op papier beter uit dan de wedstrijd in werkelijkheid was. Het publiek verliet dan ook niet zo uitgelaten het stadion als de uitslag zou doen vermoeden. Gerwald en ik hebben een seizoenskaart en zitten op vaste plaatsen in vak EE op de 35ste rij op de stoelen 5 en 6. De voetballers zijn vanaf die hoogte klein, maar je overziet het veld goed van de zijkant. Het vak is overdekt, verwarmd en het is er goed toeven. Bovendien is de klim naar boven goed voor de conditie.

De club nam gisteren in de rust  met een "modeshow" van alle shirts sinds 1913, afscheid van Philips als shirtsponsor van de club. Voor mij als geboren Eindhovenaar was dat toch even slikken; de familie Philips heeft veel voor Eindhoven en voor mijn familie betekend. Dat uitgerekend het bedrijf dat de club heeft opgericht en waaraan de naam is ontleend, zich loskoppelt van "onze" voetbalclub voelt niet goed. Het is waarschijnlijk onvermijdelijk en ik zie een verband met maatschappelijke ontwikkelingen als de uitholling van de vakbonden, de neergang van politieke partijen als de PvdA en faillissementen van grote bedrijven als V&D. Arbeiders in de oude betekenis van het woord en op een schaal zoals ik die in mijn jeugd heb meegemaakt, bestaan niet meer. De fabriek waar mijn familie werkte, werd een multinational; schaalvergroting betekende dat mondiaal (en dus onpersoonlijker) gedacht moest worden en in hun "wijsheid" besloten de topmensen een poos geleden zelfs dat het hoofdkantoor uit Eindhoven weg moest. Het bedrijf, groot geworden door inzet van de Eindhovenaren en waar vele Eindhovenaren zich mee verbonden voelden, liet de stad in de steek. Althans zo heb ik het ervaren; ik was er destijds boos om.

De oorspronkelijk uit Veenendaal komende en in Zaltbommel neergestreken familie Philips heeft veel voor de arbeiders gedaan. Je hoeft Daens van Louis-Paul Boon maar te lezen om te weten dat de arbeidsomstandigheden in de 19de eeuw slecht waren.  De Philips familie was van oorsprong joods, maar sloot zich uit vrije wil aan bij de Nederlands Hervormde Kerk. Lion Philips (1794-1866), grootvader van Gerard (1858-1942) en Anton (1874-1951), was getrouwd met Sophie Presburg die de zus was van de moeder van Karl Marx, Henriëtte. De relatie tussen Karl Marx (1818-1883) en Lion Philips was nauw en Marx verbleef vaak bij de familie Philips in Zaltbommel als hij in Nijmegen moest zijn. Ze onderhielden beiden ook een briefwisseling over alles behalve geld. Toch was Lion de belangrijkste geldschieter van Karl Marx. Onder de negen kinderen van de tabakshandelaar Lion en zijn vrouw Sophie behoorde de bankier Frederik Philips (1830-1900), de vader van Gerard en Anton Philips, de oprichters van het Philips concern in 1891. Het is een verbinding die je niet gauw zou verzinnen; ondernemen is in onze tijd steeds meer gericht op het maken van winst en minder op maatschappelijk belang. Goed ondernemerschap werd destijds, onder invloed van het protestante gedachtegoed over rentmeesterschap, verbonden met de plicht om zorgvuldig met Gods schepping om te gaan. 
Uitgangspunt daarbij is (nog steeds) dat God de eigenaar van alles is (Lev. 25:23; Ps. 24:1, 50:10), dat Hij zijn schepping aan de mens in beheer heeft toevertrouwd (Gen. 1:28 en Ps. 115:16) en dat de mens eens rekenschap van zijn beheer moet afleggen (Matt. 25:19). Zorg voor de arbeider en verbetering van zijn leefomstandigheden was dus de morele plicht van een goed ondernemer. De familie Philips heeft daar op een voortreffelijke wijze invulling aan gegeven.

Veel werknemers kwamen in de beginjaren uit verschillende delen van het land, waarbij de provincies Drenthe, Overijssel en Gelderland belangrijke leveranciers van arbeidskrachten waren. De Philips woningbouwvereniging bouwde voor die tijd erg moderne huizen in het Philipsdorp en het Drents Dorp. Er werden Philips-scholen, een Philips-bibliotheek, het Philips Ontspanningscentrum (waar ik voor het eerst in mijn leven concerten bijwoonde) en een Philips Sport Vereniging (1913) opgericht. De Philips bedrijfsschool had een goede naam en stond in directe verbinding met het productieproces. Zo sloot het onderwijs direct en praktisch aan bij hetgeen op dat moment nodig was. Veel jongens uit mijn buurt gingen destijds naar de bedrijfsschool omdat het uitzicht bood op een baan die bijna zekerheid bood voor het leven. Weinig mensen weten (nog) dat het bedrijf Etos oorspronkelijk de Philips-kruidenier was: Eendracht, Toewijding, Overleg en Samenwerking. Ik heb gebruik kunnen maken van het Philips-van der Willigenfonds, dat mij financieel in staat stelde naar het conservatorium te gaan, zonder dat er de verplichting tegenover stond om bij Philips te gaan werken of dat het een studie betrof die voor Philips als concern belangrijk of wezenlijk was. De familie Philips was sociaal begaan en niet alleen gericht op persoonlijk gewin.

Miel d'Hooghe
Ik herinner me nog dat ik met mijn vader en ome Roel d'Hooghe (echtgenoot van tante Grada, een zus van mijn vader) naar PSV ging kijken. Zijn broer, Miel d'Hooghe, was 18 seizoenen (1940-1958) speler bij PSV geweest en ome Roel zelf was een goede wielrenner die met het wielrennen in die dagen al meer verdiende dan met het werken in de fabriek. De Deen Bent Schmidt-Hansen (1967-1975) en Adrie "Mr. PSV" van Kraaij (1964-1984) waren in die begintijd van mijn bezoeken mijn absolute favorieten. Het was een tijd dat er nauwelijks sprake was van tribunes en de spelbeleving was enorm door de geringe afstand tot het speelveld. PSV was belangrijk voor vele families van de Philips-arbeiders.

Het bedrijf heeft veel voor mijn familie betekend. Behalve dat een groot deel van de familie bij Philips werkte (zoals zoveel Eindhovenaren) heeft Frits Philips (1905-2005) destijds persoonlijk mijn moeder Paulette geholpen bij de pensionering van mijn vader Wouth. Mijn vader was toen de oorlog begon 18 jaar en in die tijd werden jongens van zijn leeftijd in Eindhoven van straat opgepakt om in Duitsland tewerkgesteld te worden. Zijn broer Jan is dat overkomen en die heeft in de oorlog onder slechte omstandigheden in Duitsland moeten werken en hij kwam ernstig ziek uit dat land terug. Wouth dook onder en via via kon geregeld worden dat hij op het gemeentehuis vier jaar "jonger" werd gemaakt. Na de oorlog was iedereen dat vergeten en toen mijn vader (in die tijd al ernstig ziek) met pensioen ging, bleek dat hij volgens de gemeentelijke inschrijving te jong was. Mijn moeder heeft zich toen rechtstreeks tot Frits Philips gericht en hij heeft door een interventie de zaak weer recht kunnen zetten. Frits Philips was sociaal bewogen en was bereikbaar voor "zijn" werknemers.

Philips trekt zich gaandeweg terug uit PSV en de club gaat wel onder dezelfde naam door. Het is een logische stap als je de terugtrekkende bewegingen van de laatste decennia in ogenschouw neemt. Het vertrek van Philips als shirtsponsor staat ook symbool voor de afsluiting van een tijdperk. Wat mij betreft hadden ze daar gistermiddag wel wat meer tijd voor mogen inruimen.

Reacties

Populaire posts van deze blog

Nikkers en negers in kinderboekjes

Bij het opruimen van onze "rommel" kamer vond ik tussen mijn oude kinderboeken een typisch 60-er jaren boekje: Oki en Doki bij de nikkers door Henri Arnoldus (1919-2002) en Carel Willem (Carol) Voges (1925-2001). Het zijn de kinderboekjes waarmee mijn generatie is opgevoed en die mijn leeftijdgenoten bekend moeten voorkomen.

Nee, de negers slapen niet.
"Jammer, dat de blanke mensen niet op ons eiland komen, anders..."
"Anders aten we ze op!" roepen de negers, die rond de hut van het opperhoofd zitten. "Blanke mensen smaken fijn," zegt het opperhoofd. Hij likt zijn lippen eens af.

Het is het tijdperk van de Bimbo-box, die ik in mijn blog Achter de feiten aan al eens vermeldde. Het is om je wild voor te schamen. Het is pas 50 jaar geleden dat dit soort boekjes bon ton waren. Godfried Bomans (1913-1971) schreef De Avonturen van Pa Pinkelman en ook deze boekjes werden geïllustreerd door Carol Voges. Er was sprake van een mateloze onnozelheid, onwetendh…

Non-conformisme

Ik heb een zwak voor mensen die zich non-conformistisch opstellen. Zij geven onze wereld kleur en zorgen er telkens voor dat ons referentiekader wordt doorbroken, gewild of ongewild. Zo kan ik veel plezier beleven als product en functie door non-conformisten worden losgekoppeld. Bekende voorbeelden zijn natuurlijk Duchamp met zijn pissoir, zijn kruk met wiel of Picasso met zijn zadel en fietsstuur. De kunstenaar koppelt de onderdelen los van hun functie en er ontstaat een nieuwe realiteit waarbij het nieuwe beeld een andere betekenis krijgt. Het is maar hoe je naar de diverse onderdelen kunt kijken.

De kunstenaar is volgens mij niet op zoek naar nieuwe functies of nieuwe beelden. Hij gebruikt wat hij in zijn omgeving ziet. Picasso ging bijna associatief te werk. Ik heb thuis de DVD "Le Mystère Picasso" en daarin is te zien hoe Picasso van het een op het ander komt. Hij produceert omdat hij niet anders kan, het ligt in zijn aard opgesloten om met beelden bezig te zijn.

Nieuwe…

Omdenken, het overwegen meer dan waard

Omdenken is een andere manier om naar de werkelijkheid te kijken. We kunnen door omdenken anders tegen problemen aankijken. Dit omdenken is voortgekomen uit het besef dat wij zelf onderdeel van het probleem zijn. Problemen bestaan namelijk als wij het moeilijk vinden om het beeld van wat het zou moeten zijn los te laten, om open te staan voor wat is of zou kunnen zijn. Uitgangspunt bij omdenken is dat als we het gevoel hebben dat we steeds vaster in het probleem draaien als we op een bepaalde manier op de werkelijkheid drukken, we beter eens de andere kant op kunnen bewegen. Omdenken levert vaak verrassende inzichten op en is eigenlijk niet meer of minder dan het stoppen met het zogenaamde vastdenken.

Als je handelen baseert op iets wat je níet wilt (een probleem), is de kans groot dat je in een neerwaartse spiraal belandt. Je bent dan als het ware bezig aan het dweilen met de kraan open. Bovendien is er meestal sprake van het waterbed-effect: druk ergens op het waterbed en ergens and…